Sportpraat met Johan Sloot

HAREN

In de rubriek Sportpraat staat deze week basketballer Johan Sloot centraal. Johan maakt geen blunders, hij lost ze alleen op.

Wie ben je? Ik ben Johan Sloot (55) en woon in Paterswolde. Welke sport beoefen je en bij welke vereniging? Ik speel rolstoelbasketbal bij de vereniging H. S. V. Basketbal in Haren. In welk team zit je? En wat is je positie? Mijn team is de HSVB Wheelers; ik ben daar de trainer/coach en als positie speel ik guard/forward. Wat is het mooiste aan dit team? Wat ik leuk vindt aan dit team is dat ik het zelf eind jaren ’90 heb opgericht samen met mijn vriend en medeteamlid Johan van der Helm. Dat was nog niet bij HSVB, maar bij Donar; in 2003 hebben we ons aangesloten bij HSVB. De harde kern van het team is nog steeds hetzelfde en dat maakt het een hecht, maar vooral ook gezellig team. Op welk niveau sport je? Vijf jaar geleden zijn we als team `verhuist’ naar de Duitse competitie, omdat we het op dat moment niet eens waren met de organisatie van het rolstoelbasketbal in Nederland (daarin is intussen wel een en ander verbeterd). De rolstoelcompetitie in Duitsland is opgedeeld in vijf niveaus: van onder naar boven de Landesliga, de Oberliga, de Regionalliga, de tweede Bundesliga en de Eerste Bundesliga. De onderste drie divisies zijn per regio gesplitst in Noord, Oost, Zuid en West. Wij hebben de afgelopen vijf seizoenen gespeeld in de Oberliga West en promoveren komend seizoen naar de Regionalliga West, wat te vergelijken is met – in voetbaltermen – Hoofdklasse. Waarom deze sport? En waarom bij deze vereniging? Ik sport in een rolstoel omdat ik ongeveer 27 jaar geleden een dwarslaesie heb opgelopen door een motorongeluk. Het rolstoelbasketbal vind ik een heel aantrekkelijke sport om te spelen, vooral door de snelheid van het spelletje en de precisie die je nodig hebt voor het een goed schot. Daarnaast vind ik het leuk omdat het een teamsport is, waarbij je elkaar kunt meeslepen in een positief momentum en elkaar kunt oppeppen als het even minder gaat. Sowieso vind ik binnen het aangepast sporten de teamsporten het eerlijkst, omdat je de teams door een classificatiesysteem gelijkwaardig kunt maken; elke sporter krijgt een classificatie naar zijn/haar handicap. Bij het rolstoelbasketbal mag je bijvoorbeeld met vijf spelers 14,5 punten op het veld zetten. De classificaties lopen van 1.0 (meest beperkt) tot 4.5 (minst beperkt). Je moet je team dus wel samenstellen met spelers die uiteenlopende handicaps hebben en de tegenstander moet dat ook. We hebben er destijds voor gekozen om ons aan te sluiten bij HSVB omdat Haren het meest centraal was voor al onze leden en de gesprekken met het toenmalige bestuur erg positief waren, en het bevalt ons nog altijd prima. Hoe vaak train je in de week? Wanneer zijn de wedstrijden? Met ons eigen team trainen we één keer in de week; zelf train ik normaal drie keer in de week, omdat ik ook nog op andere locaties train en andere sporten doe. De competitieopzet is in toernooivorm, omdat de afstanden wat te groot zijn om steeds voor een enkele wedstrijd af te reizen. Dat betekent dat er competitiedagen worden georganiseerd, waarbij er steeds drie teams aanwezig zijn, die allemaal tegen elkaar spelen: dus per dag speel je twee wedstrijden tegen verschillende tegenstanders. Er spelen acht teams in een divisie en we spelen normaal een enkele competitie (waarbij je elke tegenstander dus twee keer tegenkomt), dus dat betekent dat er per seizoen zeven competitiedagen zijn, meestal ongeveer één per maand. Wanneer was je laatste wedstrijd en hoe ging het? De laatste wedstrijden van ons team waren op zondag 17 april. Zelf kon ik toen niet meespelen en was ik alleen als coach mee, omdat ik op het moment geblesseerd ben door trombose. De wedstrijden gingen wel goed en we hebben ze allebei eigenlijk vrij eenvoudig gewonnen en daarmee het kampioenschap binnengehaald. Gloriemoment? Een gloriemoment kiezen is lastig; er zijn zoveel leuke momenten te noemen uit de wedstrijden van de afgelopen jaren. Wat ik wel heel leuk vond om te doen, en waar ik ook best trots op ben, is het behalen van mijn Duitse trainerslicentie rolstoelbasketbal. Dat heb ik twee jaar geleden gedaan in de zomer. In Nederland bestaat er geen trainerscursus specifiek gericht op het rolstoelbasketbal, maar in Duitsland hebben ze daar verschillende niveaus cursussen voor. Ik heb toen eerst de basiscursus gedaan en daarna nog een niveau hoger erbij gedaan, zodat ik ook eventueel teams in de Bundesliga zou mogen coachen. Het was best lastig om dat in het Duits te doen. Wat wil je nog bereiken? Eigenlijk hoef ik niet zoveel meer te bereiken. In het verleden heb ik met het nationaal team van rolstoelrugby veel gereisd en toernooien gespeeld, waaronder bijvoorbeeld een WK in Nieuw-Zeeland. Dat was een hele leuke tijd, maar voor mij hoeft al dat reizen niet zo meer. Ik wil gewoon graag gezellig en op leuk niveau door kunnen sporten. Grootste blunder? Ik maak geen blunders, ik los alleen blunders op Wie is je grote voorbeeld? Een groot voorbeeld heb ik eigenlijk niet; ik vind heel veel spelers leuk om naar te kijken. Vooral snelle, behendige spelers met veel balgevoel. Jason Williams vond ik altijd een super guard om naar te kijken bijvoorbeeld. Wat doe je naast  je sport? Naast het rolstoelbasketbal bij HSVB speel ik ook nog rolstoelbasketbal bij de vereniging Flying Red uit Roden (Nederlandse toernooidivisie B) en ben ik gastspeler bij DOV uit Leeuwarden (Nederlandse eredivisie). Daarnaast doe ik aan rolstoelrugby, ook in Haren, bij de vereniging de Quad Fighters. Behalve het sporten vind ik het ook leuk om te klussen; ik repareer bijvoorbeeld oude rolstoelen om ze naar derde wereldlanden te sturen en ik ontwerp en las mijn eigen rolstoelrugbystoel. Wat eet je het liefst? Als voormalig slager houd ik van een lekkere entrecôte, maar een goede pizza gaat er ook altijd in.

Auteur

kvanderweide