De Twee Provinciën door de jaren heen

HAREN

In de twee artikelen over 100-jaar Kunstweg heeft Henk Werners uit Haren reeds gememoreerd welke bijzondere positie De Twee Provinciën in het verleden innam. Na nadere bestudering en ingewonnen informatie is de inhoud van dit artikel gewijd aan de historie van dit opzienbarende etablissement met ontspanningsoord.

Ontspanningsoord

Al reeds 100-jaar voor de afbraak in 1889 stond er op die plek een logement dat de naam droeg 'Ontspanningsoord' aan de Paterswolderdijk. Dit toen beeldbepalende gebouw met toebehoren was in eigendom bij ene Hermannes Hilbrants. Bij dit logement bevond zich ook een boerenbehuizing met erf en tuin. En uit de huisnummering kan de conclusie getrokken worden dat de panden aan deze dijk meegerekend werden met die aan de Hoornschedijk in de gemeente Haren. Het ontspanningsoord werd in 1989 aangekocht door Hermannes Gerardus Dopheide, die later ook eigenaar werd van "Hotel en Ontspanningsoord Paterswolde” dat uiteindelijk het Familiehotel zou worden.

De Twee Provinciën

Nadat de voornoemde heer Dopheide het oorspronkelijke logement verwijderd had liet hij op dezelfde plek een nieuw pand herrijzen met de naam "De Twee Provinciën”. Echter, hij ging het niet zelf exploiteren maar hij verpachtte het aan zijn schoonvader de heer M. Dommering. Weer later, namelijk in 1893 ging de pacht over naar Gerrit Stel, die gehuwd was met een dochter van Hilbrants voornoemd. Maar slechts twee jaar later werd de pacht beëindigd en nam Hendrik van Hemmen, landbouwer aan de Hoornschedijk, het eigendom over. Maar dat verliep kennelijk niet succesvol want hij werd in 1899 failliet verklaard. De opvolgende eigenaar werd Renne Brandsma, die toen ook reeds eigenaar was van het Familiehotel, maar ook hij hield het niet lang onder zijn hoede want in 1901 kwam het alweer onder de veilinghamer. Het was Willem Dirks Swama die het hotel en het zogenaamde koffiehuis met inventaris op 16 april 1901 op naam kreeg en er vervolgens de naam aan gaf van Hotel-restaurant Swama. Hij hield het langer vol en liep daardoor ook meer bekendheid op , maar na 16-jaar doemt weer een nieuwe koper op en wel Hendrik Wilhelm Mulstege.

In ere hersteld

Door Mulstege werd de naam Twee Provinciën weer in ere hersteld en hij bleek tevens oog te hebben voor perspectief want hij wierp zich nadrukkelijk op ontspanning en vertier. De aanleg van een grote speeltuin diende zich aan en hij beoogde daarmee grote aantallen dagrecreanten aan te trekken. Met een doolhof, lachspiegels, een kettingbrug, een schelpengrot, schommels en een lange glijbaan bleek het bijzonder goed te lukken om veel bezoekers binnen te halen. En als goed zaken-man zorgde hij vervolgens bij herhaling voor uitbreiding en vernieuwing. Zo kwam in 1936 het (nog bestaande) paviljoen met uitkijktoren tot stand en weer later een bassin met waterscooters. Die laatst genoemde aanvulling ging gepaard met een vernuftig systeem om de betalingen en de tijden bij te houden, namelijk door zandlopertjes met een knipperlampje. En zoals een goed zakenman betaamt, daarbij ontbraken ook de kiosken met ijsco’s en snoep niet. En tenslotte kwam er aan de straat ook nog een benzinepomp van Texaco.

Opvolging na '45

Nog voor de oorlog droeg Mulstege senior het geheel over aan zijn zoon Karel Albert, doch in 1944 werd alles gevorderd door de bezetter. Nadien pakten de Mulstege’s de draad weer op met eerst een grondige restauratie. En oudere ingewijden weten zich nog goed te herinneren dat er op 4 mei 1946 een groots Nationaal Bevrijdingsbal heeft plaatsgevonden. De dancing aldaar was trouwens in de vijftiger jaren bijzonder populair, evenals de speeltuin. Schoolreisjes, personeelsuitjes en bejaardengroepen kwamen er met, veelal wel zo n’ 35 bussen per dag, naar toe. En ook de van Sipkema uit Groningen gehuurde autoscooters staan veel mensen nog helder in het geheugen.

Laatste veranderingen

Rond 1960 nam de toeristenstroom merkbaar af, voornamelijk vanwege toename van het gemotoriseerd verkeer waardoor verdere bestemmingen binnen bereik kwamen. Mulstege trachtte daar op in te spelen door het roer om te gooien naar een wildrestaurant en tegelijk het dansen af te bouwen, dat laatste mede onder invloed van omgevingskritieken en -bezwaren. Maar de tijd schrijdt voort en een volgende generatie staat in de startblokken of wel, in 1969 nemen Karel Alberts zonen Hennie en Dick de zaak over. Zij zetten de dancing wel weer op de kaart maar echte successen bleven uit, met als gevolg dat de deuren in februari 1971 gesloten werden. Het voormalige café – restaurant werd toen verkocht aan de gebroeders Setz, voor het exploiteren van hun garagebedrijf aldaar. Het paviljoen met de uitkijktoren werd in 1973 overgenomen door bierbrouwerij De Drie Hoefijzers. Dit bracht echter ook geen oplossing voor herstel van de vroegere glorie. Het verval van meerdere etablissementen aan de Kunstweg c.q. de latere Meerweg tekende zich steeds duidelijker af. Dit besef drong ook door tot de overheden en het Meerschap deed daardoor z’n intrede. Met het brede nieuwe initiatief en de dito inspanning wordt het inmiddels zichtbaar en merkbaar dat de opmaat naar nieuw elan met een betere uitstraling in gang gezet is, waarvoor hulde met de wens op succes. Henk Werners

Auteur

kvanderweide