Aan Fop I. Brouwer | Jaap Matthijs Jansen

HAREN

De column van de ze week 'Aan Fop I. Brouwer', door Jaap Matthijs Jansen.

Aan Fop I. Brouwer

Beste weledelzeer meneer de doctor Brouwer, Wat reuzefijn, dat U twee jaar geleden bent verhuisd van de Poorthofsweg naar de Stationsweg! Nu woont u niet meer zoo dicht op diezojuist geopende spelhal, “de Bam”. (Vindt U dat ook een stomme naam?) Juffrouw Antje zei, dat ik U best schrijven mocht. Ik ga U in deze brief alles vertellen over de opening van het nieuwe gebouw. Toen wij (mijn klasgenootjes en ik) over de Jachtlaan de nieuwe sporthal naderden, ging juffrouw Antje uit plezier huppelen, en dat vonden wij best een beetje ongemakkelijk. Wij mochten trouwens over de laan wandelen, want er zijn hier gelukkig niet zoveel automobielen als op de straatweg. Misschien wordt dit later wel een wandelstraat. De Bam lijkt van veraf op een strokartonnen doos, beplakt met knipsels.De voorkant is ontzettend enig (zegt juffrouw Antje). Het voorplein is belegd met turquoise tegeltjes en er is een aparte versiering op de gevel. Men vindt het zóó mooi, dat de gevel elke avond verlicht zal worden. Het is subliem (zegt juffrouw Antje). Waarom wij moeten gymnastieken in een doos, weet ik niet. De burgemeester, meneer Ketwich van Verschuur, was er ook. Hij zei dat hij heel graag een zwembad wil. (Ik ook, en Klaartje en Geertje ook.) Dat zwembad moet dan achter de Bam komen. Verder zei hij dat de sportzaal erg nodig was, omdat wij nu bijna nergens konden gymnastieken. Daarna kwamen er grote ulo-leerlingen, die gingen reuzeknap volleyballen en daarmee was de zaal officieel geopend. Vindt U het eigenlijk niet vervelend, al die nieuwe bebouwing in Haren? Het lijkt nu wel een stad. Gelukkig zijn er heel veel bomen. Ik hoop maar, dat ze ook veel bomen rond de Bam planten. Dan hoeft niemand die malle blokkendoos te zien. In plaats van meer gebouwen wil ik liever meer bomen en eekhoorntjes en olifanten en klaproosjes, omdat, zoals ook U het steeds zegt, al wat leeft en groeit, ons altijd weer boeit! Hoogachtend, Saartje.   (En juffrouw Antje.)

Auteur

kvanderweide