Moeder & meer | Annelies Hofmann

HOMMELES

Ik schreef het al eens eerder: mijn man en ik proberen het ouderschap zo verantwoord mogelijk vorm te geven om ervoor te zorgen dat onze drie jongens zich zo gezond, gelukkig en goed mogelijk kunnen ontwikkelen. We proberen ze te begeleiden en aan te moedigen en dat alles volgens de principes ‘rust, reinheid en regelmaat’. Dat hebben we zo geleerd tijdens onze sociale studies. Tot zover het diplomatieke gedeelte. Dan nu de waarheid van de laatste weken. Want hoe graag wij ook willen dat alles op rolletjes loopt, onze drie bloedjes van kinderen denken daar af en toe heel anders over. 03.00 uur ’s nachts: onze driejarige meldt zich aan mijn bedrand. Ik voel dat er iemand naar me kijkt, waardoor ik wakker schrik. Hij zegt niks en staat daar maar wat, met in zijn mond een speen (jahaa, die hadden we hem inderdaad al lang moeten afleren) en in zijn hand een knuffel. Ik breng hem terug naar bed. Hij krijst, want dat wil hij niet. En als hij iets niet wil, dan zal de hele straat het weten. Ik wil wèl slapen en dus is mijn eerste stemverheffing een feit. Daar kwam geen pedagogische aanpak aan te pas. 03.30 uur ’s nachts: ik was net weer lekker weggedommeld. En daar is ‘ie weer. “Ik wil niet meer slapen”. Ik breng hem opnieuw terug naar zijn bed, waar ik hem gierend van het huilen in leg. Ik spreek hem opnieuw vermanend toe, wat in het geheel geen indruk blijkt te maken. Ik verwonder mij over het gebrek aan natuurlijk overwicht mijnerzijds. Zo staat het verdorie niet in de boekjes! 03.35 uur: onze baby wordt wakker door het gegil van z’n broer. Ik probeer hem (en mezelf) te kalmeren. Kansloze onderneming. Manlief neemt het over terwijl ik mij briesend en stampend richting bed begeef. Van de adrenaline kan ik niet meer slapen. 04.15 uur: onze driejarige meldt zich opnieuw omdat hij moet plassen. Weer hommeles, als hij zich realiseert dat de dag nog steeds niet is begonnen. 06.00 uur: onze baby wordt weer wakker. Hij wil eten en wel NU! Van honger wordt hij (’t is net z’n moeder) heel erg chagrijnig en omdat hij nog niet met woorden kan vertellen wat hij wil, zet hij een volume aan waarvan de kopjes in de kast staan te rammelen. Vervolgens begint vanaf 06.30 uur het hysterische ochtendritueel van douchen, aankleden, ontbijten, lunches maken, tanden poetsen, schoenen en jassen aandoen, tassen pakken en pindakaasvlekken uit shirts wegpoetsen met een snoetenpoetser. De zinsneden “hoe vaak moet ik het nou nog zeggen”, “nu hier komen anders mag je vandaag geen televisie kijken”, “niet prikken in het oog van je broertje!” en “kom NU van de bank af!” vliegen door de kamer en kaatsen via de muur weer terug naar mij. Dovemansoren. Mijn man en ik kijken elkaar medelijdend aan, wallen tot op onze kinnen. Grappend zegt hij: “JIJ wou kinderen!” en met een glimlach gaan we verder met veters strikken.

Auteur

kvanderweide