Harener Historie | Eppo van Koldam

HAREN

In de rubriek Harener Historie verschijnt om de week een artikel van de hand van Eppo van Koldam. Van Koldam voelt zich betrokken bij de geschiedenis van de gemeente Haren.

Willem Christian Brade II

In mijn vorige aflevering heb ik verslag gedaan van de spoorwegpionier Willem Christiaan Brade, gedoopt op 11 november 1792 te Noordlaren en overleden op 27 april 1858 te Brussel. Ik heb toen ook al kort gemeld, dat plotseling een tweede Willem Christiaan Brade in Noordlaren ten tonele verscheen. Laat ik hem maar aanduiden met Brade II. De eerste vermelding van Brade II komt voor in het zogenaamde militieregister, dat is opgesteld in de zomer van 1814. In dit register worden alle mannelijke inwoners van de gemeente tussen de 16 en de 51 jaar vermeld. We vinden hierin ook de vermelding: “Willem Christiaan Brade, geboren 30 november 1792 te Noordlaren, boerenknecht, woont in Noordlaren bij Jan Homan, gedeserteerd uit de Fransche Armee, teruggekomen in Haren nadat de loting voorbij was”. Niet iedereen behoefde werkelijk in dienst. Daarvoor werd geloot. Blijkbaar kwam Brade II in Haren terug, nadat de loting al had plaats gevonden. De reden daarvan is duidelijk, hij was nog in dienst van het leger van Napoleon. De tweede vermelding van Brade II heb ik in de vorige aflevering als aangehaald. Op 26 februari 1817 meldt Brade II zich bij de schout van Haren. Hij verklaart dat op 23 februari 1817 des avonds om 7 uur te Noordlaren in het huis B27, uit Geertje Alberts geboren is een kind van het mannelijk geslacht, welke zal genaamd worden Homan, waarvan hij de vader is, maar dat hij niet met Geertje is getrouwd, omdat hij daarvoor een verklaring van toestemming van zijn ouders nodig heeft en hij niet weet wie zijn ouders zijn. Als de ouders niet bekend zijn of overleden zijn kan toch worden getrouwd als door de vrederechter (kantonrechter) een akte van bekendheid wordt afgegeven. Voor Brade II wordt direct een procedure tot verkrijging van zo’n akte gestart. Op 10 april 1817 hoort vrederechter Mr. Cornelis Star Lichtenvoort te Hoogezand een groot aantal getuigen. Het zijn allen inwoners van Noordlaren: Willem Kremer, boerenknecht, oud 54 jaren; Hindrik Roelfs, landbouwer, oud 50 jaren; Jannes Hoenderken, landbouwer, oud 45 jaren; Hindrikus Hoenderken, landbouwer, oud 41 jaren; Albert Jans Schutte, arbeider, oud 35 jaren; Roelf Hoiting, landbouwer, oud 32 jaren; Reinder Kluiving, landbouwer, oud 31 jaren. Alle vijf vermelde landbouwers zijn mannen van aanzien binnen Noordlaren. Jannes Hoenderken maakt als raadslid zelfs deel uit van het gemeentebestuur. Alle getuigen verklaren Willem Christiaan Brade zeer goed te kennen. Zijn ouders kennen ze echter niet en voor zo ver zij weten zijn deze ouders aan alle ingezetenen van Noordlaren onbekend. Zij weten wel, dat toen Willem Christiaan Brade ongeveer een jaar oud was, hij ter opvoeding bezorgd is bij de landbouwersche Anna Homans, woonachtig te Noordlaren. Deze Anna heeft echter altijd verklaard de beide personen, die hem hadden gebracht niet te kennen. De getuigen kennen Willem Christiaan Brade vanaf 1795 en hebben hem bijna dagelijks gezien. De beide laatste getuigen in het bijzonder, omdat zij samen met hem naar school zijn gegaan. Op basis van de getuigenverklaringen geeft de vrederechter de akte van bekendheid af. Brade II kan nu trouwen met zijn Geertje en dat doet hij op zondag 1 juni 1817. Uit het huwelijk worden behalve de genoemde Homan nog drie kinderen geboren: Albert (1819), Antoon (1822) en Delia (1826). De familie leeft in tamelijke armoede en moet regelmatig een beroep doen op ondersteuning door de diakonie. In 1830 woont de familie in een niet meer bestaande arbeiderswoning aan de Kerkstraat nabij de Kerkdwarsstraat (nu Achter de Hoven). Delia is de enige van de kinderen, die in het huwelijk treedt, en wel met de winkelier Jan Pieter Kort. Uit dit huwelijk worden zes (klein)kinderen Kort geboren, maar volgens mij heeft geen van deze kinderen voor nageslacht gezorgd. Er zijn dus geen levende nazaten van Brade II. Een van de kleinkinderen van Brade II is Willem Kort. Over hem bericht de Veendammer Courant op 1 april 1885 het volgende: “Door den heer W. Kort te Noordlaren zijn eergisteren avond bij het Zuidlaardermeer twee otters geschoten. Dit is voor den schutter nog al een aardig fortuintje, want zij zullen denkelijk een waarde van f.10,- a f.12,- vertegenwoordigen. Tevens behoeven de visschers er niet treurig om te zijn, daar het soms gebeurt, dat deze dieren de netten in het water vernielen en de visch er uithalen”. Brade II is overleden in 1878. Zijn vrouw Geertje twee jaar eerder. Zeer waarschijnlijk is de “Anna Homans”, die voor de opvoeding van Brade II heeft gezorgd Anna Catharina Homan, weduwe van Albert Jans. Hun zoon Jan Albert Homan zal dan de in het militieregister genoemde “Jan Homan” zijn. Jan Alberts Homan woont in 1814 op het adres A7 te Noordlaren. De boerderij met dit adres stond tot 1870 tussen de huidige boerderijen Lageweg 35 en Lageweg 37. Jan Alberts Homan woont hier na het overlijden van zijn ouders enige tijd samen met zijn tante Leentje Homan. Leentje overlijdt op 23 augustus 1813. In haar testament heeft zij Jan Alberts Homan aangesteld als enig erfgenaam. “Zulks uit hoofde gezegde neev Jan Homan mij altoos zoo goed heeft opgepast”. Maar waarom noemde Brade II zich nu Christiaan Willem Brade? Waarschijnlijk had hij behoefte aan een valse identiteit. Dat gebeurde in de Franse tijd wel vaker door personen, die zich aan de dienstplicht wilden onttrekken. Maar dat verhaal klopt dan helemaal niet met de verklaringen van de getuigen bij de vrederechter. Vreemd is ook, dat in de procedure bij de vrederechter de gebruikte naam totaal niet aan de orde komt. Overigens wist Brade II volgens mij drommels goed wie zijn fictieve ouders waren. Zijn aanstaande schoonmoeder gaf vanuit Anloo schriftelijk toestemming voor het huwelijk van haar dochter Geertje met Willem Christiaan Brade, “zoon van Christiaan Brade en Mietje Folkers”. De echte ouders van Willem Christiaan Brade waren Frederik Willem Brade en Maria Christiaan Folkers. Schoonmoeder zat er dus niet ver naast en wie anders zal haar informatie hebben verstrekt dan Brade II? Het raadsel zal wel nooit worden opgelost.

Auteur

kvanderweide