Van Essen naar de Oosterweg e.o.

Haren

Van Essen naar de Oosterweg e.o.

Het deel van de Kerklaan tussen de Oosterweg en de Esserweg, wat al veel eerder verhard was, had vroeger andere namen. Tot eind jaren ’60 was het nog Oosterweg, maar de huidige Kerklaan werd vroeger ook wel Boerenweg en Achterweg genoemd. Aangekomen bij de Esserweg slaan we rechtsaf, een gedeelte dat in de volksmond ook wel met de Hoge weg werd aangeduid, en zo komen we in de buurtschap Essen, met een vanouds overwegend agrarisch karakter. Aan deze noordelijke weg begint ook de huisnummering van Essen met aan de rechterzijde op nr.1 het vroegere boerderijtje van Agema, vervolgens Veldhuis en later Onnes. Verderop links op nr. 2 was eerst het boerenspul van H.v.d. Es, daarna Popko Takens later opgevolgd door zoon Tonnie. De bocht om naar links komen we bij de vroegere boerenbehuizing van Ottens met nr.3, waarin vervolgens Neven en Bolt het natuursteenbedrijf uitoefenden.

Voorbij de woonhuizen 4 en 5 had op 6 vroeger ook een Takens en daarna Bouwe Seffinga een bloemenkwekerij. En waar Van der Es vroeger op nr.7 boerde en later Van der Werf woonde, begon H. Bos later z’n 11 jaar durende nertsenfokkerij. Het is nu het woonhuis van dochter Annemiek die vandaar uit de historie van het vroegere klooster Yesse bestiert, ongeveer op de plek waar het klooster gestaan heeft. Hein Bloemink schreef er onlangs een roman over en Eppo van Koldam duidde kort geleden in deze krant (en in een lezing) de historie en de bestemming van de bijbehorende kloosterboerderijen.

Op nummer 8 huisde in de helft van de woning ooit J. Bos met bloemenkweek en –handel. In hetzelfde pand (met brand in 1938) en inmiddels de derde generatie Mannes, de oudste Abel als groentekweker en huisslachter, daarna diens zoon Abel bekend als kwitantieloper maar ook bekkentrekker op de veemarkt, en thans Freddy als schapenboer. Ook op nr. 9 destijds een groentekweker namelijk Jan Wieringa, opgevolgd door zoon Evert. En op de plek van de hooikiep van Hoving was eerder het huis met nr.10 van W. Snip en vervolgens van melkventer Jan ter Veer. De familie Albert Hoving (voerman en boer) bewoonden een oude woning op nr. 11, op de stee waar later Gerrit en Mettie in een nieuw huis terecht kwamen. Daar boerden ze en kregen er bekendheid als fokkers van hoog gekwalificeerde warmbloedpaarden.

In de nu nog bepleisterde boerenbehuizing met nr.12 boerde vroeger de familie Buist en later Rieks Blom. In de boerderij op nr. 13, vroeger met de naam ‘Eibershof’ op de dampalen en later op de voormuur omgedoopt tot ‘Hemmesheerdt’, boerde aanvankelijk de familie Uitham en later en nu de families M. en K. Bolhuis, met koeien en schapen.

We zijn dan inmiddels aan de zuidkant van Essen bij de zandweg, ook wel ‘Lage weg’ genoemd.

Bij de T-splitsing (op 14) toenmalig de boerderij met de familie Van Hemmen, tijdelijk opgevolgd door Alinus Blom, daar voorbij op nr.15 boerden destijds de gebroeders Oosterveld. Nog wat westelijker (nr. 17) woonde eerst de fam. Jager en later Edze Bolhuis o.a. kweker van kerstbomen, evenals tegenover het Bequick stadion aan de Rijksstraatweg. Tenslotte de al eerder genoemde boerderij op nr. 21 waar Van der Broek naar toe ging na een brand en waar later de familie Edo Kwant woonde en boerde en daarna nog zoon Bert als aannemer.

Naar de Oosterweg en Noorderzanddijk

We gaan Essen verlaten en linksaf waar naast de kerstbomen van Bolhuis ook nog Katerberg weleer z’n kwekerij had en enkele panden verder de moeskerij van groenteboer Albert Vos. Voorbij de Dilgtweg en de reeds vermeldde vroegere stek van Evert Hemmes, draaien we links de Oosterweg in. Aan de rechterhand in de bocht het bekende vijvertje met het kunstwerk van Siep van de Berg en destijds daar achter het gebouwencomplex van het Instituut voor Bodemvruchtbaarheid (I.B.) en daarna het Asiel Zoekers Centrum (A.Z.C.). Bij de volgende bocht in de weg links de villa ‘Den Horn’, de stek van Frits Hemmes de eerdere eigenaar van de naastliggende boerderij. Met de neus naar het oosten zijn we dan op de Noorderzanddijk waar na Hemmes de panden in gebruik waren bij Schering Aagrunol (kantoren en proeftuin) en nu huizen daar de adviesbureau’s Invraplus en Peutz.

De Vork

De Noorderzanddijk vervolgende in oostelijke richting komen we tussen twee spoorlijnen, de eerste die van Groningen naar Assen en de tweede van Groningen naar Winschoten. Het gebied tussen deze spoorbanen wordt ook wel aangeduid als ‘De Vork’ en was ooit in beeld voor woningbouw, maar zover is het nooit gekomen. Aan de rechterhand passeren we het meet- en regelstation van de Gasunie en doemen links de wallen op langs het in wording zijnde opstelterrein c.q. de parkeerplaats voor treinen. De voorbereidingen daartoe zijn al vergevorderd, er is het afgelopen jaar o.a. zo’n 270.000 kuub zand aangevoerd. In een later stadium wordt er een wandelpark aan toegevoegd dat volgens plan ook vanaf Essen bereikbaar zal zijn en waarbij ook archeologische vondsten en de aspecten daarvan aandacht zullen krijgen.

Vervolg Oosterweg

In westelijke richting kunnen we van hier het pad langs het Winschoterdiep bereiken, echter we keren terug naar de Oosterweg waar we links het derdegeneratie veebedrijf van de Hoving’s aantreffen, onder de naam ‘Olde Hof’. Iets verderop waren drie generaties Bolhuis boer respectievelijk Cornelis, Albert en Cees. Deze locatie kwam later in handen van het voornoemde I.B. Aan de westzijde van de weg bestierde de familie Kapma een groentekwekerij. Dwars door de daar inmiddels verrezen nieuwe woonwijk loopt de straat met de naam Avemoerscampe.

Vervolgens komen we bij de villa en de naastliggende boerderij van weleer Margienes van Hemmen met in het voetspoor dochter Dineke met schoonzoon Hes van der Wal.

Daar weer naast bevond zich het boerderijtje van Gerrit Nieboer en op de hoek met de Grootslaan buurman Neef waar de huidige bewoners de naam ,,Eldershof” op het hek hebben staan. Achter de genoemde panden treffen we inmiddels de nieuwe wijk in Haren Noord aan met o.a. de straatnamen: IJzerhof, Tegenhoeskamp, Eertouw, Eenkoorn, Roggeveld en Zuiderkampen.

Aan de westkant van de Oosterweg bevond zich eerder bij de Bolhuissteeg de groentekwekerij van Eite Wietzes daarnaast bevinden zich nu de tennishal en de tennisbanen van TSH en zuidelijk daarvan het Hockeycomplex van GHHC. En tegenover Gerrit Nieboer (voornoemd) huisde het gezin van vervoerder Jan Hoving en zuidelijk ernaast de boerkerij van Hendrik Nieboer.

Grootslaan e.o.

Genoemd naar een vroegere plaatselijke grondgebruiker leidde de Grootslaan weleer naar het provinciale Waterbedrijf met o.a. een filtergebouw en over het spoor naar de gemeentelijke vuilstortplaats. Direct rechts over het spoor ligt een vijver waarin vroeger bloedzuigers werden gekweekt. Zoals wellicht bekend, ligt de ontwikkeling van de bouwplannen in Haren Noord in handen van de GEM ( Gemeenschappelijke Exploitatie Maatschappij) van de gemeente Haren, Heijmans en Geveke. Ook de gebouwen van het Waterbedrijf zijn aangekocht door de GEM, waarvan twee woningen inmiddels zijn doorverkocht aan twee gezinnen. Thans bestaan er plannen om in het monumentale Waterleiding filtergebouw (verkocht aan een vastgoedondernemer) een viertal grondgebonden casco woningen onder te brengen. Het vroegere pompgebouw krijgt ook een woonbestemming en voorts voorziet het plan nog in een publieke ruimte.

Emdaborg

Waar we eerder vanuit de Grootslaan links bij het voetbalcomplex van ‘ ‘t Goorecht’ belandden, maar ook bij de manege van de ‘Blauwe Ruiters’, heeft woningbouw reeds voor een groot deel gestalte gekregen. Straten met de namen Essenlande, Oldenborg, Hovinge en Hoften, doemen op terwijl de omgeving van de Rummerinkhof in de nabijheid is.

En dan gaat het hier om een gebied dat ooit bij het in 1833 gesloopte landgoed van de historische ‘Emdaborg’ behoorde. We bevinden ons dan in gedachten op de eerdere velden van de VV Gorecht. De borg stond zo ongeveer op die plek en ten zuiden daarvan stond de er bijbehorende boerderij ‘De Lusthof’, bij een buitenhuis met de naam ‘Zorgvrij’. Na afbraak werd op dezelfde plek een modernere boerderij gebouwd waar Jan Mulder later boer was, totdat de gemeente op die locatie de ruitervereniging ‘De Blauwe Ruiters’ onderdak verschafte.

Maar ook die tijd is reeds vervlogen en bouwplannen staan ook hier op stapel.

Volgens aanvankelijke aankondigingen met een opzet waarbij de borg met omliggende grachten herkenbaar tot de verbeelding zullen spreken.

Voordat de spoorlijn er lag strekte Het Rummerinkhofgebied zich ook verder oostwaarts uit, ook tot de omgeving van de genoemde waterleidinggebouwen.

We verplaatsen ons tenslotte nog even naar de huidige straat met de naam Rummerinkhof alwaar we de onderwijsinstellingen: Visio Onderwijs, Jenaplan Peter Petersenschool en (voorheen) Zernike Junior College aantreffen, alsmede het Zorgplein. Zijstraten genaamd Lusthorst, Emdaborg en Zorgvrij roepen affiniteit op met de verdwenen borg en omgeving.


Auteur

Redacteur