Harener Historie | Eppo van Koldam

HAREN

In de rubriek Harener Historie verschijnt om de week een artikel van de hand van Eppo van Koldam. Van Koldam voelt zich betrokken bij de geschiedenis van de gemeente Haren.

De Kroon aan de Rijksstraatweg

De foto biedt zicht op een oud stukje van de Rijksstraatweg. De foto dateert waarschijnlijk nog uit de 19e eeuw. U zult geen pand herkennen. Toch biedt de foto op twee punten houvast. Bij het hoge pand midden op de foto verspringt de rooilijn. Die verspringing is er nu nog. Namelijk tussen het pand van nu Poggibonsi (tot voor enige jaren slagerij Warners) en het naastgelegen pand waar nu de Etos gevestigd is. Het tweede houvast zijn de zichtbare molenwieken. De fotograaf stond dus ongeveer bij het verzetsmonument voor de kerk.

Het meest linkse pand op de foto is café annex kruidenierswinkel ’t Oldambsterwapen van Albert Bennink. Nu is dit het reisbureau Klooster Reizen. Het pand rechts daarvan was de schoenmakerij van Jan Kijl. Nu is dit een modezaak. Veel Harenaars zullen het zich herinneren als bloemenwinkel, laatstelijk van Jack Bijl. Nog verder naar rechts wordt het even lastig. Tot 1911 hoort het pand met de grote schuurdeuren bij het hoge pand rechts daarvan. Daarna wordt op deze plek een nieuw huis gebouwd. Dat nieuwe huis wordt omstreeks 1955 samen met het pand van Jan Kijl weer afgebroken en vervangen door een bouwblok met twee winkels en een passage naar achteren. Het grootste deel van dit pand is nu in gebruik als cafetaria, daarvoor was het Parfumerie Harms. Dan volgt het genoemde hoge pand waar ik zo dadelijk uitvoeriger op terug kom. Om het rijtje even af te maken. In de dode hoek achter het hoge pand zit het pand verstopt, waarin nu de Etos s gevestigd. Dan volgt – recht onder de molen – het pand van smid Siert van der Woude. Nu is dit beddenzaak Homan. In de woning met het grote arkeneel daar weer naast woonde dokter Hubenet. Dan volgt nog een woning, die ten tijde van de foto werd bewoond door ene mevrouw Speckman. En dan tenslotte met de witte strepen het gemeentehuis op de hoek van de Meerweg. Op de plek van de laatste drie panden staat nu het winkel- en appartementencomplex De Brinken.

De bebouwing langs dit deel van de Rijksstraatweg behoort stellig tot de oudere bebouwing van het dorp Haren. Toch denk ik niet dat dit het oudste deel is. Uit oude akten blijkt namelijk, dat alle panden op de foto op grond stonden, die eigendom van de kerk was. De eigenaren moesten dus grondpacht betalen aan de kerk. Dat duidt volgens mij op een situatie, dat de woningen zijn gebouwd op een weiland of akker, die eigendom van de kerk was. Aangezien het dorp eerder zal zijn ontstaan dan de kerk, zullen we de oudste bebouwing van Haren dus elders moeten zoeken. Het gebied ten zuiden van de Kerkstraat komt dan het meest in aanmerking.

En dan het hoge pand in het midden. Dit pand stond lange tijd bekend als ‘De Kroon’. Zoals gemeld behoorde ook het lagere deel links met de grote schuurdeuren bij dit pand. In een advertentie uit 1754 kom ik het pand tegen bij een verkoping. “Deze verkoping zal geschieden den 9 februari 1754 tot Haaren in de Keijzers Kroon”. Het pand is dan dus in gebruik als herberg. Ik heb ook nog de vermelding gevonden van een akte van 29 juni 1705, waarin wordt bepaald, dat een van de panden op de foto rechts naast De Kroon niet naar voren mag worden uitgebreid. Het is dus goed denkbaar, dat deze panden allemaal van jongere datum zijn dan De Kroon en dat de eigenaar van De Kroon op deze manier zijn uitzicht heeft veilig gesteld en daardoor dus voor de – nu ruim 300 jaar later nog steeds aanwezige - zo kenmerkende verspringing in de rooilijn heeft gezorgd.

Of De Kroon steeds herberg gebleven is, betwijfel ik. Reeds kort na 1754 kom ik vermeldingen tegen, dat het pand als woonhuis wordt gebruikt. In 1807 wordt het pand te koop aangeboden. De omschrijving luidt dan: “een extra grote behuizing, waarin zijn 4 grote vertrekken, koetshuis, stalling voor paarden en koeien, een grote tuin en appelhof met veel vruchtdragende bomen, geschikt tot vele affaires, als inzonderheid tot een herberg, die in de behuizinge verscheiden jaren met goed succes is geëxerceerd, zijnde de behuizing de van ouds genoemde Kroon, staande ten westen in Haren aan de straat”.

Koper in 1807 is Jan Geerts Stel en die maakt er in ieder geval weer een herberg annex winkel van. In 1818 verkoopt Jan Geerts Stel het pand aan zijn schoonmoeder Grietje Freerks Pot, de weduwe van Luitje Egberts Pauwels. Grietje is dan ook al eigenaar is van de herberg de Haarder molen in Harenermolen. Waarschijnlijk wil Grietje alleen maar rentenieren in De Kroon en laat ze de exploitatie over aan Jan Folkerts de Vries, die weer een zoon is van de exploitant van de andere herberg te Harenermolen.

In 1833 verkoopt Grietje Freerks Pot het pand De Kroon aan Hendrik van Dam, zoon van schoenmaker Roelf van Dam aan de overzijde van de Rijksstraatweg. Hendrik van Dam zet de exploitatie van de herberg niet door. Hij vestigt een bakkerij in het pand. Die bakkerij wordt later overgenomen door zijn zoon Hendrik van Dam jr. Deze splitst het pand ca 1905 in twee gedeelten Zelf gaat hij in het lage linker deel van het pand wonen. Mogelijk zet hij van daaruit de bakkerij ook voort. Het rechter – hoge – deel wordt verhuurd aan de joodse slager Lambertus Brommet. Hendrik van Dam overlijdt in 1908 als gevolg van een ongeluk met een op hol geslagen paard. Kort daarop wordt het gehele pand afgebroken. De erven Van Dam bouwen in 1911 op de linkerhelft een woning. Deze woning wordt eerst nog gebruikt door de weduwe van Hindrik van Dam. Later is de fa Konings enige tijd huurder. De afbraak van de woning en de nieuwbouw ca 1955 heb ik boven al gemeld.

Slager Brommet koopt zijn deel van het pand en bouwt hierop in 1911 een nieuwe slagerij. Zonder bovenverdieping! Gemeentearchitect Evenhuis geeft in zijn advies bij de bouwaanvraag van Brommet aan, dat het de bedoeling is om het thans bestaande perceel van de erven Van Dam geheel af te breken en daarvoor in de plaats twee nieuwe woningen te bouwen. Hij is enthousiast over de verfraaiing van het dorpsbeeld, die daardoor zal ontstaan. Als ik de foto’s van de jaren daarna zie, heb ik daar mijn twijfels over. In 1919 neemt Hendrik Groefsema de slagerij van Brommet over en na hem volgen nog drie generaties Warners. Groefsema zorgt er in 1926 voor dat het pand het huidige aanzien - met bovenverdiepingen – krijgt.

De Kroon bestaat niet meer, maar het land achter het huis werd de Kroonkamp genoemd. En die benaming bestaat nog steeds als Kroonkampweg.