De interviewestafette

HAREN

Het interview brengt mij niet ver van de vorige interviewlocatie: de Fuutweg. Ik word enthousiast onthaald door Refika Yigit Likoglu, haar man Omer (die een ingenieursbedrijf in Hoevelaken heeft), zoon Kaan van 2½ jaar en dochter Sara van 8 maanden. We nemen plaats aan de grote tafel.

 

Van Trabzon naar Haren

“Ik ben geboren in Turkije in een gezin met vijf kinderen. Nadat mijn vader eerder door Duitsland had gereisd, wilde hij graag terug om daar te wonen met zijn gezin. Als leraar had hij de mogelijkheid om dit voor vijf jaar te doen, hiervoor moest hij onder meer examens afleggen en dat deed hij. Zo vertrokken we op mijn zesde met het gezin vanuit Trabzon, niet naar Duitsland maar naar België. We zijn in Houthalen gaan wonen, mijn ouders wonen daar nog steeds. Mijn vader gaf Turkse les aan Turkse kinderen na de schooluren, en werd in die periode betaald door Turkije. Na vijf jaar kreeg hij de optie om te blijven, hiervoor moest hij wel ontslag nemen in Turkije en omscholen naar leraar Islamitische Godsdienst in België. Kennelijk was daar toen behoefte aan. Op deze manier kon hij in dezelfde school blijven werken, maar nu als islamitische godsdienstleraar. Hij begon toen les te geven in het Nederlands aan kinderen die islamles wilden volgen.

Ik ben het derde meisje van het gezin, ik heb een jongere broer en zus en in België kregen we er nog een broertje erbij. We hadden een warm en liefdevol gezin en zijn nog steeds heel hecht. Alle kinderen hebben een universitaire opleiding gevolgd, dat vonden mijn ouders belangrijk en hebben dit ook enorm gestimuleerd. Na de lagere school ben ik naar het Onze-Lieve-Vrouwlyceum in Genk gegaan. Dat was in die tijd nog een strenge katholieke school, waar ik als twaalfjarige negen uur Latijn per week mocht volgen. De school had een heel goede naam en mijn vader zag dat als de beste basis voor een goede opleiding later. We droegen een uniform, er liepen nonnen en paters rond. Dat betekende ook regelmatig naar de mis gaan en elke dag beginnen met een gebedje (zegt Refika met een nog steeds hoorbaar Vlaams accent). Gelukkig waren er ook twee jongensscholen tegenover het Lyceum. Ik had leuke vriendinnen en heb eigenlijk alleen maar leuke herinneringen aan die tijd. Ik heb Latijn-Wiskunde gestudeerd. Ik was niet erg rebels en had goede punten, de schooltijd ging mij dan ook goed af.

Toen ik nog in België woonde leek Groningen mij te ver maar toen ik in Londen woonde, werden de afstanden relatief. Na een korte tijd in de Tasmantoren te hebben gewoond, hebben Omer en ik heel bewust voor Haren gekozen om te wonen en de kinderen op te voeden. Met die keuze zijn we nog steeds heel blij.”

 

Gynaecoloog-oncoloog

“Ik heb altijd gezegd dat ik medicijnen wilde gaan studeren en ben daar nooit van afgeweken. Dat heb ik gedaan aan de Katholieke Universiteit van Leuven. Ik heb daar ook ‘op kot gezeten’ en een heel leuke studententijd gehad. Na de studies mocht ik beginnen aan de specialisatie gynaecologie-verloskunde. Dit duurde vijf jaar, waarvan ik één jaar in Rotherham in Engeland heb voltooid. In het laatste jaar van mijn opleiding heb ik besloten om gynaecoloog-oncoloog te worden. Voor deze opleiding en het promotieonderzoek heb ik in Nederland gesolliciteerd, onder andere bij het Radboud UMC (Universitair Medisch Centrum) in Nijmegen. Daar mocht ik beginnen aan mijn promotieonderzoek en vervolgens de opleiding in de gynaecologische oncologie. Mijn promotieonderzoek ging over de rol van het afweersysteem bij eierstokkanker. Dat was een boeiende tijd met mooie en blijvende vriendschappen. Een deel van mijn opleiding tot gynaecoloog oncoloog heb ik dus in Nijmegen gedaan en een deel in The Royal Marsden Hospital in Londen. In september 2012 ben ik gepromoveerd en in september 2013 was ik klaar met mijn opleiding tot gynaecoloog-oncoloog. Toen het UMCG een gynaecoloog-oncoloog zocht, heb ik hierop gesolliciteerd en werd aangenomen. Ik werd heel warm onthaald door de collega’s en werk na bijna vijf jaar nog altijd met heel veel plezier in het UMCG.”

 

Herindeling

“Ik heb me hier te weinig in verdiept om er een mening over te hebben.”

Volgende geïnterviewde

“Ik geef het interviewstokje door aan Marjolein Koeneman.”

Kees Romijn