FC Groningen neemt argwaan nog niet weg

GRONINGEN FC Groningen speelt gemiddeld genomen beter voetbal dan vorig seizoen, maar uitgerekend in twee van de vier thuiswedstrijden was het spel ronduit slecht en onaantrekkelijk. Enige argwaan onder de kritische aanhang is dan ook begrijpelijk.

FC Groningen belooft al jaren leuker voetbal, maar het wil er nog niet echt van komen. De ploeg won vrijdag met duidelijke cijfers van RKC (3-0) maar toch overheerste de onvrede bij veel supporters en ook bij hoofdtrainer Danny Buijs. Die gaf zichzelf en acht van zijn basisspelers een onvoldoende na een zouteloze vertoning die slecht had kunnen aflopen wanneer RKC bij de stand 0-0 niet twee grote kansen om zeep had geholpen.

Alleen het spel van doelman Sergio Padt, vrijdag terug in de rol van puntenpakker, en de verdedigers Deyovaisio Zeefuik en Mike te Wierik kon Buijs bekoren. En dat van Daniël van Kaam. „Die viel uitstekend in”, aldus de teleurgestelde trainer.

Nu de competitie weer een week stil ligt vanwege interlands is er na negen speelronden mooi gelegenheid om conclusies te trekken over het spel en de resultaten tot dusver. Laten we beginnen met de resultaten. Die vallen wat tegen. Slechts het puntje in de uitwedstrijd tegen AZ (0-0) was een meevaller. En winnen bij het versterkte FC Emmen (0-1) is uiteraard geen vanzelfsprekendheid. Maar de nederlagen tegen VVV, Heracles en Twente waren flinke tegenvallers.

Dan het vertoonde spel. Dat is in de thuiswedstrijden nog niet sprankelend genoeg. Tegen Twente (1-3), Heracles (1-2), PEC Zwolle (2-0) en RKC (3-0) kreeg het publiek niet al te veel of zelfs veel te weinig te zien. Tegen Heracles waren er maar twee schoten op doel en tegen RKC ook maar vijf.

Gebrekkige aanvoer

In bijna alle wedstrijden - uit én thuis - valt de gebrekkige aanvoer naar de spits op. Of die nu Kaj Sierhuis of Charlison Benschop heet: goede voorzetten krijgt hij maar zelden. En dat geldt ook voor steekpasses met de juiste snelheid. Lange passes van achteruit zijn voor de spits vaak te hoog om goed terug te leggen. En voor zinvolle doorkopballen gaan te weinig spelers diep. Dat laatste is het grootste manco in het spel van FC Groningen: een gebrek aan voorwaartse dynamiek. In feite is rechtsback Zeefuik de enige die voor snelheid en diepgang zorgt. Over de linkerflank en door het centrum is daar nauwelijks sprake van. De aanvallende middenvelders die Buijs opstelt, zijn technisch vaardig maar voetballen meestal in één tempo en hebben de bal het liefst in de voeten. Ook Mo el Hankouri, de dribbelvaardigste speler van FC Groningen, komt pas tot leven als hij de bal aan zijn voeten heeft. De behendige buitenspeler neemt de bal het liefst in stilstand aan. Hij zou veel meer moeten variëren.

Maar er zijn ook positieve punten. Ondanks het vertrek van Jeffrey Chabot en Ludovit Reis en de langdurige blessure van Samir Memisevic heeft Buijs de verdedigende organisatie snel weer op orde gekregen. Het spel is bovendien verzorgder geworden. In de uitwedstrijden tegen Emmen (0-1), AZ (0-0), VVV Venlo (2-1) en Ajax (2-0) kwam FC Groningen ook aan de bal niet slecht voor de dag. Alleen bij PSV (3-1) kwam groen-wit er totaal niet aan te pas.

De trainers kiezen nu meestal voor hun meest balvaste spelers, maar die vormen een te statisch geheel. Positief is dat er snellere alternatieven zijn zoals Sam Schreck, Daniël van Kaam, Romano Postema, Gabriël Gudmundsson en Joël Asoro. Zij kunnen het aanvalsspel een dynamischer karakter geven.