Groningen legt maximaal ton toe op wietproef

De gemeente Groningen moet maximaal een ton bijleggen op deelname aan het landelijk experiment met een gesloten coffeeshopketen.

Dat schrijft burgemeester Koen Schuiling aan de gemeenteraad. Groningen behoort tot de tien gemeenten in het land waar de coffeeshops vanaf volgend jaar alleen nog softdrugs mogen betrekken van erkende ‘staatskwekers’.

Raad wil dat rijk proef volledig betaalt

Die proef moet uitwijzen of dat een alternatief kan zijn voor het huidige gedoogbeleid met legale verkoop via de voordeur, maar illegale aanvoer ‘aan de achterdeur’. De gemeenteraad stelt als randvoorwaarde dat het rijk de kosten volledig voor rekening neemt. Pas dan wil de Groningse politiek definitief deelnemen aan de vier jaar durende proef.

In februari becijferde burgemeester Schuiling nog dat er fors geld bij moest. De vergoeding die het rijk aanvankelijk toezegde, 150.000 euro, dekte net iets meer dan de helft van de kosten voor het eerste jaar. Zelf zou Groningen 125.000 euro moeten bijbetalen.

Groningse politiek overweegt alsnog af te haken

De oppositiepartijen wilden om die reden in februari al de stekker uit de ‘wietproef’ trekken. Een motie van die strekking ging toen echter nog van tafel om Schuiling de tijd te geven verder te onderhandelen met het rijk. Inmiddels komt de rekensom iets gunstiger uit voor de gemeente.

Den Haag krikt de vergoeding op naar 890.000 euro voor het vier jaar durende experiment, maar daarmee blijft nog altijd een gat over van 97.000 euro die de gemeente zelf moet bijpassen voor de voorbereidingen, controle en handhaving. Schuiling benadrukt wel dat dat een voorzichtige raming is, die in de praktijk voordeliger zou kunnen uitpakken.

Grote weerstand bij coffeeshops tegen proef

Bij de elf coffeeshops in Groningen bestaat grote weerstand tegen de proef. Deelname is verplicht: zaken die niet meedoen raken hun vergunning kwijt en zaken die wel meedoen hebben geen rechtszekerheid over hun positie als de proef over vier jaar stop.

Verder vrezen coffeeshophouders dat de nog aan te wijzen ‘staatstelers’ niet de huidige kwaliteit cannabis en hasj kunnen leveren. Klanten zouden daardoor kunnen uitwijken naar de illegale straathandel.