‘De Martinitoren geeft mij telkens een thuisgevoel’

GRONINGEN Hoor ik dat nu goed? Of beeld ik het me in? Wil ik het misschien alleen maar graag horen? Nee, Roman Karpovych (36), geboren op De Krim en sinds zijn 23ste in Groningen, heeft echt een Gronings accent.

Het overkomt Roman niet voor het eerst dat iemand hem aanspreekt op zijn lichte, maar onmiskenbaar Groningse accent. „Het gebeurde me ook al eens in Den Haag. Toen vroeg iemand me of ik misschien uit Groningen kwam. Zij kwam hier ook vandaan.” Ook licht aanwezig in zijn uitspraak zijn kenmerkende Slavische klanken. Verder is het opvallend hoe goed hij de taal beheerst. „Ik had een goede lerares in Saartje Dijkema. En misschien komt het ook doordat ik in mijn geboorteland alleen Russisch en Oekraïens heb geleerd. Ik sprak geen Engels toen ik hier kwam en was op het Nederlands aangewezen”, verklaart hij bescheiden.

Geboorteland

Tsja, geboorteland. Dat is ook weer zoiets. Roman is geboren op De Krim in Simferopol, de hoofdstad van het schiereiland. De stad van ruim 300.000 inwoners lag bij zijn geboorte in de Sovjet-Unie, maakte vervolgens na de opsplitsing in meer dan een dozijn republieken deel uit van Oekraïne en is sinds enige tijd deel van Rusland. Het maakt het invullen van sommige formulieren er niet eenvoudiger op, vertelt Roman met een glimlach. In Simferopol is hij opgegroeid met zijn vader en zijn moeder. „Ik heb ook nog een tien jaar oudere halfbroer, maar die woonde niet bij ons. Hij en ik hebben dezelfde vader.”

Hun vader komt te overlijden als Roman veertien jaar oud is. „Mijn moeder heeft op een zeker moment een Nederlandse man leren kennen met wie ze nu getrouwd is. Ze is in 2004 naar Groningen verhuisd.”

De net volwassen geworden Roman blijft achter in Simferopol waar hij zijn hbo-opleiding bedrijfseconomie wil afronden. „Mijn moeder vond het erg moeilijk om mij alleen achter te laten. Maar dat was op dat moment waarschijnlijk het beste.”

Beter leven

Als hij in 2005 klaar is met zijn studie wil Roman ook naar Nederland. „Met als motivatie om hier te studeren, maar eigenlijk omdat ik op zoek wilde naar een beter leven.” Hij zegt dat hij dit eigenlijk voor het eerst vertelt. „Ik schaam me er een beetje voor. Want ik weet hoe de sentimenten hier liggen: Nederland is al vol en er zijn hier al zoveel buitenlanders. Ik voel me soms haast schuldig dat ik hier ben”, zegt hij zacht. Hij heeft ervaren dat het voor een inwoner van buiten de EU nog niet zo eenvoudig is om Nederland binnen te komen. Ook niet als student. „Het heeft bijna twee jaar geduurd voordat alle papieren op orde waren en ik toestemming kreeg om naar Nederland te komen. Groningen kende ik al vrij goed, want sinds mijn moeder hier woont had ik al een paar keer bij haar en mijn stiefvader gelogeerd.”

Nederlands leren

In 2007 trekt hij bij zijn ouders in en doet er alles aan om zo snel mogelijk Nederlands te leren. „Mijn moeder zei wel eens: ‘Als ik naar mijn werk ging zat je te leren en als ik weer thuis kwam nog steeds.’ Ik had als stok achter de deur dat ik binnen acht maanden de taal voldoende moest beheersen om toegelaten te worden tot een studie. Anders moest ik terug naar Oekraïne.” Zijn ijver loont, hij slaagt voor zijn examen Nederlands. Hij gaat de hbo-studie fiscale economie volgen.

Zijn stiefvader, een echte Oosterpoorter en fervent supporter van FC Groningen, attendeert hem erop dat er bij zijn favoriete club sinds kort ook een speler uit Oekraïne voetbalt: ene Evgeniy Levchenko. „Ik was al wel voetballiefhebber, maar van Levchenko had ik nog nooit gehoord. Maar doordat bij de club een landgenoot speelde, begon ik wel liefde voor FC Groningen te ontwikkelen. Tijdens een vakantie heb ik nog de laatste wedstrijd in het Oosterpark meegemaakt.” Hij gaat FC Groningen zelfs tijdens Europese wedstrijden volgen en neemt voor Levchenko de geel-blauwe Oekraïense vlag mee te tribunes op. Roman komt de huidige voorzitter van de spelersvakbond een keer tegen op de Grote Markt, maar voelt zich bezwaard om wat tegen hem te zeggen. „Je hebt in Groningen best een vrij grote Russisch-Oekraïense gemeenschap en ik vroeg me af of hij erop zat te wachten dat ík hem zou aanspreken.”

Overvloed aan artikelen

Zijn keus voor de studie fiscale economie blijkt ondertussen geen gelukkige. Roman ervaart dat de studie te vroeg voor hem komt. „Ik had me de taal dan wel redelijk eigen gemaakt, maar aan veel andere zaken moest ik nog erg wennen, alleen al aan hoe een computer werkt. Die had je in De Krim indertijd nauwelijks. Ook lag de studie veel minder dan verwacht in het verlengde van wat ik al had geleerd.” Maar er is meer waaraan Roman moet wennen. Zoals aan de overvloed aan artikelen die hij in de winkels aantreft. „Ik verbaas me er nog steeds over hoeveel verschillende spullen je in Nederland kán kopen en hoeveel mensen in huis hebben omdat het blijkbaar allemaal nodig is.” Ook blijkt de omgang met vrouwen heel anders dan hem in Oekraïne is bijgebracht. „Je wordt er opgevoed met respect voor vrouwen. Je bent galant en zorgzaam voor ze. Als je in een geëmancipeerd land als Nederland een deur open houdt voor een vrouw, dan voelt zij zich soms bijna gepasseeerd en beledigd.”

Een begripvolle studiebegeleider wijst hem op een voorbereidend jaar aan het Noorderpoortcollege en zorgt ervoor dat hij studie-uitstel krijgt. In september 2009 begint hij de hbo-opleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening. Die brengt hij in 2013 tot een goed einde.

Inmiddels werkt hij alweer een tijd voor pensioenuitvoeringsorganisatie TKP. „Dat is een door en door Gronings bedrijf. Voor TKP reis ik geregeld het land door. Als ik dan de Martinitoren weer zie, geeft me dat echt een thuisgevoel.” Is hij van de stad gaan houden, sinds een maand zijn hij, zijn vriendin en twee katten door gebrek aan betaalbare woningen verhuisd naar een dorp vlak bij de stad. „Bij helder weer kan ik nog nét de Martinitoren zien.”