De kleurenpracht van borg Ewsum

MIDDELSTUM - Van de borg zelf staat alleen de donjon er nog; de rest is al eeuwen verdwenen. Toch zijn de tuinen het bezoeken waard, vanwege de talloze bloemen en fruitsoorten.

Zou het borgterrein voor Mariska nog geheimen kennen? Ze werkt er al jaren, in Werkpro’s theeschenkerij op borg Ewsum. Terwijl het terras langzaam vol druppelt, veelal met mensen die zich fietsend langs de dorpen van het Hogeland bewegen, steekt ze er flink de handen uit de mouwen. Het afwisselende werk bevalt haar goed, vertelt Mariska. Mocht het druk worden, dan springt begeleidster Janet Baas gewoon eventjes bij. ,,Het werk hier is bedoeld voor mensen die normaal afstand ervaren tot de arbeidsmarkt”, legt Baas uit. De theeschenkerij is één van de drie dagbestedingsprojecten op het borgterrein, naast de houtbewerking en het werk in de tuinen. Dagbesteding, evenementenlocatie, de zorg voor het terras: als projectleider heeft Janet Baas het er dan ook druk mee. Toch lijkt ze net zo goed eindeloos stil te kunnen staan bij de bloemen van de pluktuin. Oorspronkelijk waren deze planten voor de pluk; vrij voor wie dat wilde. ,,Maar er bleef natuurlijk geen bloem meer over”, vertelt Baas, glimlachend en hoofdschuddend tegelijk. ,,Nu halen alleen wij hier af en toe wat bloemen uit voor een boeket.”

Niet alleen de tuinen, ook de geschiedenis van de borg, waarvan de bouw begon in de veertiende eeuw, is welbekend. Onderzoeker Redmer Alma reisde langs de vele borgen in Friesland, Groningen en het Duitse Oost-Friesland, en verdiepte zich in één van Groningens’ bekendste borgbewoners: Occa Ripperda. Zij woonde niet op de borg Ewsum, maar de zeventiende eeuwse tuinen van de vele borgen inspireerden Ripperda tot het schrijven van een kookboek. Dat telt maar liefst 1.080 recepten, en is 500 pagina’s dik. In augustus kunnen de bezoekers van Ewsum kennismaken met de recepten die Ripperda indertijd schreef.

Alma vertelt: ,,In de zeventiende eeuw werden de borgen en hun tuinen meer met elkaar verbonden.” De historicus vermoedt dat mensen bij zeventiende eeuwse Groninger gerechten vaak aan zoiets alledaags als hutspot denken, maar Alma probeerde vijftien van Ripperda’s gerechten. De gerechten, met bijvoorbeeld ouderwetse groenten zoals schorseneren, verrasten hem zeer. ,,Ze waren allemaal zeer smaakvol. En dat allemaal op grond van de smaak van Ripperda.”

Anno 2020 is de zelfvoorzienende functie van een borgterrein als dat in Middelstum volgens Alma weer buitengewoon actueel. Alma: ,,Sommige kruiden blijven uit het oosten komen, maar we willen de ingrediënten meer uit de buurt halen. Zonder dat we concessies doen aan wat we gewend zijn”, Ripperda’s kookboek komt dan straks ook uitgebreid in de spotlight te staan in de borgen van Groningen, onder andere in het oude koetshuis van Ewsum.

Zo blijft het terrein van Ewsum - borg of geen borg - nog altijd een levendige, plek. Of het nu om de toeristen, de gastvrouwen zoals Janet en Mariska gaat, of om onderzoekers zoals Alma: borgtuinen zoals deze verrassen de mens al eeuwenlang.