Arjen Robben zegt af voor boekpresentatie Piet van Dijken: 'Mag ik trouwens vragen waar dit gesprek eigenlijk over gaat?'

Piet van Dijken (71) krijgt een eigen boek. In Piet’s Big City worden zijn beste columns - vaak over de door hem zo geliefde stad Groningen - gebundeld. Door corona mag er op 29 oktober maar een beperkt aantal gasten bij de officiële presentatie zijn. ,,Anders was Arjen Robben de grootste ster in het Forum geweest.”

Moi Piet, al zenuwachtig?

,,Man, het spektakel is pas volgende week, hè? De 29ste, toch? Gisteren was het trouwens dinsdag.”

Zeker.

,,Om een uur of tien ‘s ochtends ging de bel. Stond een man voor de deur die zei dat hij een pakketje voor me had. Ik zei: da’s mooi. Dus die man loopt terug naar z’n vrachtwagen, haalt de doos eruit en toen kwam het.”

Nou?

,,’Jij hoeft niet te tekenen’, zei -ie. ‘Ik weet toch wel wie je bent’. Schitterend, toch? Maar goed, ik loop dus de trap op met die doos in m’n handen. Het zal toch niet, dacht ik bij mezelf. Maar ik maak ‘m open en ik zie een boek. Met mijn eigen hoofd op de cover, geschilderd door Klaas Lageweg. Toen begon het allemaal pas in te dalen. Ik heb gewoon een eigen boek. Inclusief presentatie in het Forum. Hoe mooi wil je het hebben?’

De presentatie is door corona wel slechts voor een klein gezelschap, hè? Welke hoogwaardigheidsbekleders moeten noodgedwongen verstek laten gaan?

,,Burgemeester Koen Schuiling moet overleggen met de Veiligheidsregio en kon sowieso al niet komen. Daar heeft -ie zich uitgebreid voor geëxcuseerd, want het boek heet niet voor niets Piet’s Big City. Het is ook veel meer mijn stad dan de zijne. Maar goed, Tjeerd van Dekken komt wel. Ben ik ook heel blij mee.

Weet je wat het is? Er mogen maar dertig mensen komen. Dertig! Dat is ontzettend weinig. Ga maar na: presentator Jacques d’Ancona, een geluidsman, zanger Bouke - toch wel de beste Elvis-vertolker ever. Dan zit je al snel op vijftien man en heb je nog maar de helft van de stoelen over. Daar heb ik het verdomme toch niet voor gedaan?”

Gelukkig is er de livestream op YouTube.

,,Dat is waar. En één woord blijft ook maar door mijn hoofd spoken. Overmacht. Pure overmacht. Er wilden een stuk of wat mensen uit Amsterdam komen. Speciaal voor mij. Ik heb gezegd dat ze thuis moesten blijven. Want waar moet ik ze na de presentatie mee naartoe nemen? Alles is dicht.

De Big City is een spookstad geworden. Als ik op de fiets stap en bij een koffietentje stop, krijg ik een cappuccino van drie euro in een kartonnen beker mee. Dat stemt me toch wat verdrietig.

Over hotshots gesproken: weet je wie officieel had toegezegd om aanwezig te zijn bij bij de presentatie?”

Nee?

,,Arjen Robben! Toen hij 17 jaar was, liep ik al met hem door de Herestraat. Maar hij mag vanwege die coronaperikelen niet komen van FC Groningen. Anders was hij de grootste ster in het Forum geweest.”

Groter dan Koen Schuiling en Tjeerd van Dekken?

,,Mondiaal gezien? Ja. Denk ik wel. Mag ik trouwens vragen waar dit gesprek eigenlijk over gaat?”

Ik pak het persbericht over het boek er even bij. ‘Van diskjockey tot onderbroekenmodel tot presentator en zanger’, lees ik. Wat ben je eigenlijk in de eerste plaats?

,,Poe. Mijn tijd als onderbroekenmodel was in elk geval meer een geintje. En ik bleek een verschrikkelijk slechte zanger te zijn. Dat heeft mijn versie van Big City - Grode Stad - wel bewezen. Ik moet echt nooit meer zingen. Al stond ik destijds wel meteen op 1 in de hitparade van Radio Noord.

Ik was wel een heel goeie disckjockey in de Jolly Joker. Tussen mijn 20ste en 30ste, zo ongeveer. En ik draai nog altijd veel vinyl. Cuby en the Blizzards, bijvoorbeeld. Harry Muskee was een goede vriend van me. En ik luister ook veel Herman.”

Brood?

,,Klopt.”

Het gerucht zingt rond dat je ondertussen al bezig bent met een nieuw boek.

,,Klopt ook. Ik zit al op 20.000 woorden voor mijn hyperventilatieboek. Da’s een werktitel, hoor. De paar mensen die al een stukje hebben gelezen zeggen allemaal: je moet dit afmaken. Ik pak het in november weer op. Dan ga ik mensen interviewen die net als ik last hebben van hyperventilatie.

Bij mij begon het aan het eind van de jaren tachtig. Stond ik plaatjes te draaien, zag ik ineens een schilderij alle kanten opdraaien. Ik heb 32 sessies bij de psycholoog gelopen. Toen dacht ik dat ik er helemaal vanaf was, maar weet je wat ik te horen kreeg? Creatieve mensen als ik komen er nooit helemaal van af. En zo is het.

Ik houd nog steeds niet van afgesloten ruimtes en heb altijd een flesje water bij me. Het blijft dus een dingetje. En er zijn hondderduizenden mensen in Nederland die er nog veel meer last van hebben.”

Eerst maar eens de presentatie van Piet’s Big City.

,,Zo is het. Ik zag al precies voor me hoe het moest zijn. De deuren van het Forum zouden wijd open staan. Er zou een groots programma afgedraaid worden. Een man met een donkere bril aan tafel. En dan een immens lange rij mensen. Allemaal een boek in de hand, dat uiteraard met een mooie vulpen gesigneerd zou worden.

Maar het zit er niet in, vriend. Ik ben volgende week binnen twee minuten klaar. Komt er straks iemand half verdwaald aanlopen. ‘Wat moet er in, mevrouw? Welke naam?’ Zie je het al voor je? Ik niet.”

Piet van Dijken liep in april de Herestraat Anderhalf: