Haren Draait Door: Onsamenhangende kerstgedachten

Haren - 1. Op de dag dat ik in Haren het eerste bordje 'kerstbomen te koop' zie, wordt mijn fiets gestolen. Een gewone herenfiets met een kinderzitje, gestolen uit het fietsenhok op mijn werk in ons dorp. Vreemd dat het stelen van een fiets als minder erg gezien wordt dan het graaien van een portefeuille met veel geld. Als ik dan toch afscheid moet nemen van mijn oude fiets wens ik jou, nieuwe eigenaar, er van harte een ongeluk mee toe. Mijn fantasie schiet tekort om te bedenken wat je excuus kan zijn. En als er een is is hij niet goed genoeg.

2. Wij hechten in ons gezin aan kersttradities. Elke kerst is ten minste één van ons flink ziek. Ik heb het vage vermoeden dat we iets verkeerd doen in het leven. Ditmaal is mijn zoon de pineut. Op de dag van het kerstdiner op school heeft hij 39.5. We hijsen hem met dank aan de paracetamol voor één uurtje in zijn kleren. Na het diner stort hij met gerust gemoed in. De koorts stijgt tot ruim boven de veertig. Meestal open ik het bal, doorgaans door middel van het ledigen van maag en darmen, nog voor overdadige kerstmaaltijden zich aandienen. Of ik de dans dit jaar ontspring? Het is nog te vroeg om te juichen… 3. Een dag later schrijf ik aan de vooravond van kerst mensen in voor de voedselbank. In Haren (ook in Haren) zijn enkele tientallen mensen afhankelijk van de voedselbank. Ik ken mensen die er op aangewezen zijn zonder zich aan buitenissige uitgaven te buiten zijn gegaan, of 'even moeilijk zitten'. Ze hebben na aftrek van huur en vaste lasten gewoon te weinig over van hun bijstandsuitkering om eten te kopen. Óf we houden niet langer de schijn opdat we een sociale samenleving vormen en achten iedereen verantwoordelijk voor zijn eigen (on)geluk, óf we nemen eindelijk afscheid van die ontaarde inkomensongelijkheid. 4. Terwijl de gemeente naarstig op zoek is naar een gemeente waar het in op kan gaan, vordert de bouw van de muur tussen Haren-west en Oosterhaar gestaag. De muur loopt parallel aan het spoor en vertoont een opvallende gelijkenis met de voormalige muur in Berlijn. Een fysieke scheiding tussen de hemelsbreed van elkaar verschillende delen van het dorp Haren kon misschien ook niet uitblijven. 5. Op het moment van schrijven is het 22 december. Nog nooit werd het zo laat licht. Maar over een paar maanden zal de liefelijkheid van de lente mij ongeëvenaard toeschijnen. Morgen gaan we voor ouderwetse Weihnachten naar mijn schoonouders in het Sauerland. Misschien moeten we weer eens naar de nachtmis. Redt de poes zich met Kerst? Een bak vol brokjes moet volstaan. Emiel van der Feen